Mezelf

@Madame Tussauds Londen, 2018.

Ik, Yves Saerens (1983), debuteerde met de historische roman 'De dwarsligger'. Archeologen vonden in 1989 pal in het hart van de kathedraal van Antwerpen een loden sarcofaag. Opmerkelijk: de doodskist lag als enige dwars ten opzichte van nagenoeg duizend andere graven. Ik was als tiener al gefascineerd door deze vondst en begon rond de eeuwwisseling research te doen voor het schrijven van mijn boek. Ik volgde de universitaire masteropleiding criminologie omdat die studie mij een kritisch beeld van de huidige maatschappij zou opleveren. Zo kon ik met een juiste onderzoeksinstelling de historische periode die centraal staat in mijn boek zelfstandig uitspitten. In 2016 werd, na 16 jaar, mijn levenswerk gepubliceerd door uitgeverij Houtekiet.

Op 11 juli 2017 heb ik een andere droom - en tegelijk belofte aan mezelf - waargemaakt. Die dag ben ik eropuit getrokken, 48 dagen lang, om mezelf te onthechten van 'De dwarsligger'. Daarbij heb ik de pelgrimsroute bewandeld van nabij Arles tot Compostela.

Vandaag, 2020, is mijn tweede boek klaar. Aan dit project ben ik opnieuw erg gehecht geraakt. Daarnaast ben ik al een tiental jaar actief in het onderwijs.

Op 11 juli a.s. zal het dus exact drie jaar geleden zijn dat ik alleen met rugzak en stapschoenen de zuiderse natuur heb verkend. Dat bevrijdende gevoel wil ik deze zomer herbeleven en met iedereen delen. Ik neem je graag mee op die reis zodat je mij, letterlijk stapsgewijs, ook informeel leert kennen. Tegelijk ontdek je de allereerste kiemen van dit project. 

48 dagen lang zal ik hieronder het verslagje posten dat ik op dezelfde dag drie jaar geleden iedere avond van mijn avontuur heb gedeeld op Facebook. Als je het boek Sien van Gogh hebt gelezen, zullen bepaalde passages ongetwijfeld herkenbaar zijn.

De start geef ik alvast mee.

Volg alles op de voet en schrijf in voor de nieuwsbrief!


Vive le camino!

Voetreisdagboek Lodève - Compostela zomer 2017

Logroño, dag 34.

Dag 48

Vive le camino! Aflevering 48.

Hoe gepaster een sprookje beëindigen dan met een bijzondere zonsondergang? Zo veel toeschouwers. Zo groot oranjerood en zo'n zalmroze lucht en wolken. En nog wel met donder en bliksem, zonder regen. Vreemd dat ik tegelijk naar de berg kijk waarlangs ik Santiago ben binnengestapt. 47 dagen heb ik die zon in de rug gehad. 16 jaar geleden kon ik niet weten dat ik niet zozeer op deze reis zat te wachten, als wel op dit moment.

Geduld. Na twee uur aanschuiven was het diploma binnen. 1452 km (inclusief het 200-tal dat de trein mij in vervoering heeft gebracht). Net geen evenaring van de 1560 op de kilometerpaal in Arles waarvan ik vooraf een foto had genomen en waarbij ik had gedacht: amai mijn oren!

Van Gogh. Hier in dit mekka van het katholicisme en van het bijgeloof, hier vind ik mijn god. Een god van iedereen, niet exclusief voor gedoopten. Een rots voor alle dromende doeners. Troost: het is moeilijk minder succesvol door het leven te gaan. Kracht: kijk wat hij heeft doorgemaakt. Inspiratie: kijk naar zijn werken en lees zijn brieven. Zoals Jezus stierf hij om te kunnen verrijzen. Draagt bovendien niet elke mens een beetje Van Gogh in zich?

Inzicht. Twee levensdromen zijn uitgekomen. Nu ben ik klaar om de Lotto te winnen, om verantwoord om te springen met een grote som geld en mezelf er niet mee in het verderf te storten. Een leven als wandelende schrijver (of schrijvende wandelaar) zie ik zo voor me uitgestippeld. Ik geloof niet langer dat ongelukkig zijn de motor van schrijven is. En ik besef meer dan ooit hoe bevoorrecht ik ben met zo'n vrouwtje, poezen, familie en vrienden. Laat mij dus gewoon acht uur per dag schrijven en wandelen in hun nabijheid en een derde droom zal in vervulling gaan. Zelfs als tragiek het thema vormt van die schrijfsels.

Tot het zover is prijs ik mezelf gelukkig dat ik het beroep van leraar kan uitoefenen in hun nabijheid. Dit meen ik oprecht, zonder enige vorm van sarcasme. Misschien ligt daarin wel de grootste verwezenlijking van deze reis. De tijd zal het uitwijzen.

Lees meer »

Dag 47

Vive le camino! Aflevering 47.

Vooravond proclamatie.

Credencial. Pelgrimspaspoort voorzien van stempels die je krijgt tijdens de tocht. Meest gebruikelijk is om een stempel te vragen waar je gaat overnachten. Je kunt er ook een vragen bij een bar of bijvoorbeeld de lokale bakker. Herbergiers zien zo dat je geen koelboxtoerist bent.

Het Compostelaat. Een bewijsstuk van het volbrengen van (een deel van) je tocht, door het bisdom van Santiago uitgegeven. Bij afhaling wordt gevraagd naar de reden van je tocht. Je kunt kiezen uit religieus, spiritueel en sportief. Voor iedere variant is er een ander Compostelaat. Alleen voor wie minstens 100 kilometer te voet of te paard of 200 kilometer met de fiets heeft afgelegd.

Pelgrim. Jong en oud, gezinnen, groepen vrienden, einzelgänger, militairen, artsen, verzekeringsmakelaars, studenten, advocaten, werkzoekenden en veel leerkrachten. Alle nationaliteiten. Allemaal even vriendelijk.

Herberg. Niet elke herberg is dezelfde. Soms groot soms klein soms onderhouden soms niet. Goedkoper in Spanje (5 tot 10 euro) dan in Frankrijk (15 tot 20 euro).

Donativo: een geniaal waterdicht systeem van belastingontduiking. Je betaalt als klant wat je zelf rechtvaardig vindt. Herbergen passen het toe en ook marktkramers met streekproducten en dorpelingen met wat ze allemaal uit hun tuin en mouw kunnen schudden: sinaasappelsap, appelen, peren, frambozen, eieren, verse kaas, kweepeertaart, enz.

Steenmannetje: kegelvormig gestapelde stenen die de weg aanduiden. In de camino staan de stenen symbool voor de lasten die je achterlaat op het einde van de rit.

Finisterre. De plaats waar de apostel Jacobus voor het eerst voet aan land zou hebben gezet op het Iberische schiereiland. Op drie dagen stappen van Santiago. Hier aangekomen verbranden pelgrims vaak ritueel een kledingstuk.

Camino-dementie. Onverklaarbaar fenomeen waarbij pelgrims niet kunnen antwoorden op de vraag van waar hij of zij eerder dezelfde dag is vertrokken. Gekmakend als het mij overkomt, een leuk spelletje om met anderen te spelen.

Met dit spiekbriefje in handen, met 100 km in de afgelopen 36 uur in de benen en met een vervroegde vlucht in het vooruitzicht, zijn alle voorbereidingen getroffen voor het afstudeerfeestje van morgen aan de universiteit van het pelgrimsleven.

Lees meer »

Dag 46

Vive le camino! Aflevering 46.

In lucht opgaan.

De feromonen van Moeder Natuur die een eisprongetje in de lucht maakt. Dat rook ik de miezerige mistige ochtend van gisteren, toen ik mijn neusgaten en longen niet ver genoeg kon openzetten. Hoewel het soms al niet veel scheelde of ik steeg op als een ballon.

Om vijf uur al begaf ik me op pad. Per uitzondering want tussen zes en zeven is gebruikelijker. Nochtans waren de vroegste vogels al gevlogen. Zo vroeg was voor mij van de begindagen geleden, toen ik geen zaklamp nodig had. Nu had ik, ondanks het druilerige weer, geen regenjasje of trui nodig.

Ik meende te ruiken hoe planten zuurstof omzetten in koolstofdioxide. Verbrande houtskool vermengde zich in de lucht met de geur van mest en nat gras. De betere boerenbuitenlucht. Wie dit levenskrachtige afrodisiacum bottelt en verkoopt (O'de nature) maakt zichzelf gegarandeerd rijker en de wereld blijer.

Mijn zaklamp maakt mij ook elke dag blijer. Alweer moet ik woorden terugnemen. Dat lichtpuntje blijkt een wonderlamp die na vijftien seconden van opwinden een uur lang fel brandt en daarnaast bestand is tegen vallen en stoten.

Om zeven uur stilde ik mijn honger met ontbijt. Om negen uur dronk ik vers sinaasappelsap op een terras in een van de vele dorpen met meer koeien dan inwoners. Niet van dorst of moeheid, gewoon om even al zittend te genieten.

Die handeling bevatte een hoog gehalte aan verzet tegen het vervagen van het moment, van de reis, van de droom.

Misschien is genieten per definitie afscheid nemen.

Lees meer »

Dag 45

Vive le camino! Aflevering 45.

Gisteren ben ik door een diep dal gegaan. Dat van de groene schaduwrijke vallei van de Rio Valcarce. Om half zeven vertrokken, amper klimwerk en pas om half elf ingehaald door de zon. 20 km lang geen druppel zweet verloren. Een unicum. Misschien was ik ook volledig uitgezweet na twee dagen en nachten van lopen, zitten en liggen bakken. Hoe ik later uit dat dal ben gekropen, dat is een minder droog verhaal.

Het was nog eens een volle dag puur genieten. Er hing iets levendigs in de lucht, die vochtiger was, lichter woog en frisser geurde. Het had wat van een bos op een regenachtige herfstochtend, maar dan omhuld met zomerse droogte.

De wandeling herinnerde me aan de begindagen in Frankrijk. Autoluw, natuurpracht, geïsoleerde dorpjes en bergpassen. Zo raakt de cirkel stilaan rond.

Ook het vliegticket is ondertussen geboekt. Een enkele rit met een dubbel gevoel. Natuurlijk ben ik blij met het vooruitzicht van thuiskomen. Anderzijds voelen de resterende dagen aan als een afscheidstournee. Wegwijzers duiken onder de 120 km, de laatste dorpen op de folder van in Puenta la Reina naderen, de oversteek van Castilla y Léon naar Galicië is een feit, en elke pelgrim praat bijna uitsluitend over Santiago en Finisterre, letterlijk het einde van de wereld.

Afscheid nemen is zelden leuk. Zeker niet zo: elke stap die ik nu zet doet deze heerlijke heldere droom beetje bij beetje vervagen.

Lees meer »

Dag 44

Vive le camino! Aflevering 44.

Grote dingen.

Reuzenpoppen in Astorga achternagezeten door trollen die jonge en oude toeschouwers de stuipen op het lijf jagen en onoplettende of stoutmoedige billen geselen. Dit alles onder luid tromgeroffel en getrompetter te midden van oude vrouwen in traditionele klederdracht en oude mannen sierlijk in kostuum met blinkende eretekens opgespeld. Met als decor de prachtige kathedraal en het sprookjesachtige Palacio de Gaudi.

De 300 meter lange Puente del Passo Honrose. Een brug omgeven door verhalen en legendes in een dorpje, Hospital de Órbigo, waar middeleeuwen en Far West elkaar ontmoeten.

In hogere sferen vertoeven. Gebergtes bewonderen, beklimmen, bedwingen en benedenwaarts besluiten. Als hoogtepunt het vergezicht vanaf Foncebadón, het weidste dat ik op mijn reis heb kunnen overzien. Een eindeloze droge oceaan met bruingroene bodembedekkers als mos en algen en zand onder een helderblauwe zinderend vloeibare lucht.

In groten getale - Spanjaarden en Italianen, maar ook Zwitsers, Engelsen, Amerikanen, Brazilianen, Nieuw-Zeelanders,... - samengepropt aan twee lange tafels in een dampend zaaltje zitten en toch van een gemoedelijk, gezellig en overheerlijk avondmaal kunnen genieten (aan een nog voordeligere prijs dan de pelgrimsmenu's van de lokale bars) in een met liefde en passie uitgebate herberg.

Het duo viaducten in Ruitelán waarvan de hoogste pijler het nipt wint van de kathedraal van Antwerpen.

In een oven wandelen tussen 14 en 18 uur zonder enige kans op ontkomen aan die vuurbol hoog boven mijn hoedje, met een zuurstoftoevoer waarvan mijn motor automatisch overstapt op cruisecontrol. Voor iemand die thuis absoluut niet tegen de warmte kan, is het een groot iets dat me dat hier - ondertussen -verrassend goed af gaat.

Breed uitgesmeerde zonsopgangen.

Ongefilterd sterrenlicht.

Ongekende weelde.

Lees meer »

Dag 43

Vive le camino! Aflevering 43.

Kleine dingen.

Struikelen zonder erg, veel struikelen zonder erg, op het juiste moment een wortel aangeboden krijgen, een heuse rodewijnfontein tegenkomen onderweg (waarvoor de timing altijd perfect is), geen bedwantsen tegenkomen (ergste nachtmerrie van elke pelgrim!), om half negen 's ochtends ontbijten in de schaduw omdat de zon te fel brandt, waardevolle spullen (portefeuille, zonnebril en gsm) niet kwijtraken noch beschadigen, de heerlijke zoete geur die op het heetst van de dag het sterkst vrijkomt na vele honderden kilometers van hersens kraken eindelijk kunnen thuisbrengen (in de keuken) en benoemen (tijm).

De ronkende namen van dorpen en steden: La Salvetat sur Agout, Boissezon, L'Isle Jourdain, Oloron Sainte Marie, Sangüesa, Puenta la Reina, Logroño,... Een schril contrast met wat wij kennen: Lier, Lint, Duffel, Boom, Mol, Boecht, Knol, Selder, en voor je het weet loopt het in de soep. Een flauw afkooksel vergeleken met hier. Uitgezonderd van Ponferrada, waar ik dit neerschrijf, dat me de hele rit ernaartoe aan perforator deed denken. Beroepsmisvorming.

Om 19 uur mijn voeten onder tafel schuiven met vijf verschillende nationaliteiten met dezelfde frustraties over fietsers op de camino en slapeloze nachten in de hostels, en met dezelfde onbegrensde waardering voor de voedzame, stevige maaltijd (eens wat anders dan die misleidend veelbelovende pelgrimsmenu's). Zien dat iedereen om kwart over acht de tafel verlaat om in bed te kruipen. Horen dat morgen de verlossing nabij is. Van de autowegen, welteverstaan. (Die belofte werd gisteren alvast ingelost.)

De kers op de taart: een kamer met ruim bed en badkamer. Helemaal voor mezelf. En een wasmachine!

Lees meer »

Dag 42

Vive le camino. Aflevering 42.

Tijd.

Verleden. Dingen waar ik altijd goed in ben geweest: nadenken, eten, drinken, slapen en tekens zo verdraaien dat ze mij goed uitkomen.

Het was niet de mail van de uitgever die mij met mijn rug tegen de muur heeft gezet. Die metafoor van rug tegen de muur en gezicht tegen de treinrichting in diende om na veertig dagen eens achterom te kijken, terug te kijken op mijn leven en te zien dat ik het al bij al niet slecht heb gedaan.

Toekomst. In 1885 voltooide Van Gogh De aardappeleters, wat hij lange tijd aanzag als het beste schilderij dat hij ooit had gemaakt. Nooit meer zou hij zo lang werken aan één schilderij. Helaas werd het op hoongelach onthaald. Het moet een mokerslag zijn geweest. Enkele maanden later vestigt hij zich in Antwerpen. Wat me niet doodt, maakt me sterker, schreef tijdgenoot Nietzsche. Van Gogh veranderde gaandeweg zijn kleurgebruik van sombere aardkleuren naar lichte kleuren om amper drie jaar later in Arles te komen tot een kleurenexplosie. Met De aardappeleters zou België vandaag zijn staatsschuld in een klap kunnen wegwerken.

Om maar te zeggen dat er vroeg of laat een markt bestaat voor alles wat een markt verdient.

Heden. Ook over het heden heb ik mijn licht laten schijnen. Met mijn zaklamp om half zeven vanochtend. Omdat de tent nog gesloten was ondanks de belofte van ontbijt om zes. Zo heeft men mij hier al vaker zoete broodjes gebakken. Een onzekerheidsrisico dat geen enkele verzekeraar zal dekken. Volgens mij spreken Spanjaarden over het concept tijd in een codetaal die ik ook niet kan ontcijferen. Of misschien juist al te goed.

Lees meer »

Dag 41

Vive le camino! Aflevering 41.

Timing.

Ik zit op de trein van Burgos naar León en twijfel nog altijd of ik er wel goed aan deed de trein te nemen. Misschien ligt daarbuiten toch een waardevol inzicht op mij te wachten. Na vier minuten ebben de laatste twijfels weg als ik naar het voorbijrazende landschap staar. Drie woorden: meer van hetzelfde.

Een minuut later krijg ik een mail van de uitgever, een antwoord op mijn stiekeme vraag of ze wat ziet in een verhaal van een beginnend schrijver die als pelgrim dichter bij Gogh wil komen. Het antwoord is ook een vraag: of er een markt voor bestaat.

Ook interessant is het feit dat de toegewezen genummerde zitplaats me letterlijk met mijn rug tegen de muur zet en tegen de treinrichting in.

Helemaal interessant wordt het als ik alle tekens over dat stuk tussen Burgos en León (van het jezelf daar vinden tot die mail daar krijgen met mijn rug tegen de muur) naast elkaar leg.

Schuilt in die symboliek een inzicht? Moet ik nadenken over mijn toekomst als schrijver? Hou ik het beter bij die ene worp met De dwarsligger en focus ik me voortaan (nog!) meer op de 'belangrijke' dingen in het leven: relatie en werk?

En of het stuk tussen Burgos en Léon dus meditatief is! Zelfs vanop de trein.

Uitgerekend gisteren vernam ik bovendien dat Atheneum Hoboken nog aan mij denkt voor komend schooljaar. Alweer een onbetwistbaar teken, namelijk één van vertrouwen van mijn directie, dat ik met veel dankbaarheid omhels.

Einstein zei ooit dat de tijd alleen maar bestaat omdat anders alles tegelijk zou gebeuren. De voorbije twee dagen kwamen nochtans opvallend veel signalen samen op mijn pad.

Lees meer »

Dag 40

Vive le camino! Aflevering 40.

Volgens de ene is het stuk Burgos-León erg meditatief (hoe vaak heb ik dat woord al gehoord), de andere is ervan overtuigd dat je daar jezelf zult vinden, maar ik hoor vooral dat het een overdreven saaie vlakte is zonder begin of eind.

Ik zal mezelf onderweg in de trein wel vinden. Mij lijkt het dat ik mezelf al genoeg ben tegengekomen op deze pelgrimstocht en dat het al saai genoeg is geweest in Spanje. Er zijn kwade dagen waarop ik mij erger aan auto's en vrachtwagens op de snelwegen en aan fietsers op de camino. En het is tenslotte altijd de bedoeling geweest mezelf te verliezen en Van Gogh te vinden. Die heeft daar niks verloren, als je het mij vraagt.

Na een dagmars van 38 km kreeg ik op het Plaza de Santa María van Burgos een rauwe hamburger voorgeschoteld samen met gazpacho, nochtans duidelijk als voorgerecht gevraagd, die proefde naar bruiswater met een klodder tomatensap. Ik voelde mij uitgelachen door alle gebeeldhouwde figuren op de kathedraal, en dat zijn er veel. Ook een duidelijk teken aan de wand dus.

Het politiebusje dat ostentatief kwam postvatten midden op het plein na de aanslag in Barcelona maakte mij niet vrolijker.

Kortom: ik kocht een treinticket. En in de trein mag eindelijk worden gerekend: in León heb ik 1140 km afgelegd sinds Lodève en van daar zijn er nog 325 te gaan tot Santiago. Die doe ik met mijn ogen toe. Bij wijze van spreken dan, en niet op de trein, voor alle duidelijkheid.

Lees meer »

Dag 39

Vive le camino! Aflevering 39.

Gisteren had ik zowaar opnieuw een rendez-vous met de natuur. Onderweg naar Burgos in een bosrijk wildreservaat werd ik opgewacht door een kudde paarden, zeven in totaal, die mij letterlijk opnamen in hun midden (twee achter en drie voor mij op het pad en één aan elke zijkant in de bossen) en begeleidden over een strook van ongeveer vijfhonderd meter tot vlak bij het wildrooster. Ik was één van hun. Stak er toch wel een zakje met noten in mijn heuptas. Zouden ze dat kunnen ruiken of weten ze dat wandelaars daarin hun snacks bewaren? Ze konden er in elk geval niet afblijven. Op één paard na dat gulzig naar mijn voorarm bleef happen. Het is eens wat anders dan een eekhoorn aan mijn vinger. Alweer een onvergetelijke ervaring, waarbij de harmonieuze symfonie van achtentwintigpotig hoefgetrappel gedirigeerd door mijn looppas nog hypnotiserend nagalmt in mijn oren.

Tot in Burgos heb ik getwijfeld om de 180 km tussen Burgos en Leon per trein te overbruggen. Hierover morgen meer.

Lees meer »

Dag 38

Vive le camino! Aflevering 38.

Knabbel en Babbel.

In datzelfde park in Logroño waar de wandelstok ondertussen is vergroeid met het overige houtwerk, beleefde ik tegen alle verwachtingen in het ultieme moment van eenwording met de natuur van deze reis. Langs een grote vijver vol evenredig grote vissen kruiste een eekhoorn mijn pad. Het schattige diertje repte zich naar de dichtstbijzijnde boom, maar bedacht zich op een meter van mij. Wat mij op mijn beurt deed stoppen en bukken. Bij gebrek aan eekhoorntjesbrood stak ik als poging tot toenadering mijn wijsvinger uit. Dat ik van zo dichtbij een eekhoorn langer dan een tel kon bewonderen, was al uniek. Dat diezelfde eekhoorn voorzichtig dichterbij kwam en aan mijn vinger begon te knabbelen, was even onbetekenend als onvergetelijk. Ik vraag me af hoeveel mensen mij dit hebben voorgedaan. Een groep wandelaars achter mij raakte zo in extase van het tafereel dat ik mezelf de verpersoonlijking waande van Michelangelo's beroemde fresco De schepping van Adam, met die vingers die elkaar net niet aanraken. En ja, ik geef toe: het voelde als een goddelijke vonk. Ik hoopte al dat het beestje zou volgen tot in Santiago, dan had ik het mee naar huis kunnen nemen. Vanaf nu neem ik altijd een zakje met noten mee!

Lees meer »

Dag 37

Vive le camino! Aflevering 37.

Zien.

Elke indruk laat een afdruk na. Zien is nooit passief, als waarnemen vanaf de zijlijn. Zien is daarentegen altijd een ingrijpende actie. Zoals je niet over zand kunt stappen zonder voetsporen of in water kunt zwemmen zonder rimpels te creëren. De mens en de wereld zijn één. Hegel wist dat: ontdek je een these, zal al vlug een antithese opduiken en de synthese die daaruit ontspringt vormt een nieuwe these voor de al anticiperende antithese. Kwantumfysici weten het ook: waterkristallen reageren op menselijke emoties en fotonen veranderen van deeltjes in golven van zodra ze door het menselijk oog worden bestudeerd. Als jij je plots bewust bent van een fenomeen in de wereld (dus als je even echt aan het zien bent), is de wereld zich bewust van het feit dat jij bewust kijkt en past die zich onmiddellijk aan. Daardoor is die ongrijpbaar. Wij zien zoals vliegende vissen. Zien is een daad van verzet.

Dat moet Van Gogh ook zo hebben aangevoeld. Hij keerde zich af van die landschapsschilders met hun koeien en velden en appelen en peren en boeren en boerinnen. Hij zag, zocht een diepere laag van de werkelijkheid. Zoals alleen de steengoede straatverkopers van karikaturisten op vijf minuten tijd een schets van je maken waar je hard om moet lachen tot je het over vijftig jaar uit een schuif opdiept en stomverbaasd vaststelt dat jouw doorleefde gelaatstrekken en die karikatuur als twee druppels water op elkaar zijn gaan lijken.

Wij, mensen, beschouwen onszelf te vaak als de maat der dingen, de norm. We vergeten dat wij in voortdurende wisselwerking staan met de wereld. Veel meer dan onderwerpen, zijn wij lijdende of meewerkende voorwerpen.

De Franse taal illustreert dit krachtiger dan onze moedertaal:

Ik mis de wereld. (These)
Le monde me manque. (Antithese)

De synthese zit hem in de vergelijking. En zo hoort het ook:

Ik zie de wereld.
Le monde me voit.

Van Gogh sprak naast zijn moedertaal ook vloeiend Frans. Voelde hij zich als hij schilderde lijdend voorwerp of meewerkend voorwerp? En wat gaf dat bij zijn zelfportretten?

Je me manque.
Je me vois.

Lees meer »

Dag 36

Vive le camino! Aflevering 36.

In Sansol word ik op zondagochtend verwelkomd door een fanfare. Viana leidt me langs de laatste rustplaats van Cesare Borgia en houdt altijd openkerkendag voor de half platgebombardeerde kerk van San Pedro. Uit de woestijn verrijst tot slot regiohoofdstad Logroño, waar ik onmiddellijk een thuisgevoel beleef. Op de drempel ervan onderdruk ik de neiging om mijn schoenen uit te doen. Je kunt er eten van de geboende asfaltvloeren en gemillimeterde frisgroene grastapijten. Binnenkomen doe ik via een ruim voetpad tussen twee rijen cipressen naast de sierlijk stromende Ebro met zijn kunstmatig aangelegde waterval over de hele breedte. De woonruimte bevat tal van architecturale pronkstukken, terrasjes, winkelstraten en langgerekte boulevards omgeven door appartementsgebouwen die je eerder op een zeedijk verwacht.

Zo wisselden die zondag van 's morgens tot 's avonds de bruisende centra elkaar af, van klein naar groot. En... Aandacht!

Aandacht!

We onderbreken deze uitzending voor een zopas binnengelopen nieuwsbericht. Het gaat om een erg onrustwekkende verdwijning van een wandelstok. De eigenaar heeft hem voor het laatst gezien in de picknickzone van het parque del Ebro in Logroño. Mogelijks vertoeft hij daar nog steeds in de buurt van ongure broodkruimels en verdacht ogende perzikpitten. Het parque verspreidt volgend signalement: de stok is herkenbaar aan diens strakke, sobere en elegante belijning, vakkundige afwerking met duurzame, hoogwaardige en authentieke houtelementen en is bovendien voorzien van een ingebouwd ontstekkingsremmend mechanisme.

Lees meer »

Dag 35

Vive le camino! Aflevering 35.

Bij temperaturen waarvan de ene mens spontaan een bloedneus krijgt en de andere gevoel voor dramatiek kijk ik met een open blik naar de kurkdroge wereld van La Rioja.

Ondanks mijn pogingen toegankelijk te zijn voor mijn medemens ontdek ik al snel dat niet iedereen de behoefte heeft om mij aan te spreken. Mijn nieuwe ingesteldheid weet niet of dat een geruststelling dan wel verontrustend feit is. Een nietzscheaanse herwaardering van alle waarden dringt zich op!

Zou het aan mijn outfit liggen? Want ik zie nu dat er voor pelgrims ook een dresscode bestaat. Je hoort er niet bij zonder wandelstok of, voor de snobs, nordic walkingset. Dus, meeloper als ik ben, heb ik er onderweg één opgeraapt. Het is te zeggen, die stond klaar tegen een amandelboom, alsof hij wachtte op mij, al had hij mij allicht sneller verwacht. Niettemin een prachtexemplaar: perfecte hoogte, lichtgewicht, gemaakt van natuurlijk hout, in de hoogte verstelbaar (mits een verplaatsing van mijn hand) en inklapbaar (eenmalig). En geloof het of niet, het verlicht de druk op mijn gewrichten. Mag ik spreken van een nieuw wonder? Een sceptisch lezer zal zeggen dat het allemaal in het hoofd zit. Ik zeg dat het allemaal in de schouders zit. Bovendien schijnt het afschrikwekkend voor wilde honden. Nu weet ik niet of dat ook voor mij geldt of alleen in de handen van Bruce Lee.

Lees meer »

Dag 34

Vive le camino! Aflevering 34.

De upgrade.

Ik voel een doorbraak in het dossier Van Gogh. Ironisch genoeg sinds het moment dat ik uit mijn comfortzone trad door mijn boekje te buiten te gaan. Wekenlang lag de oplossing nochtans vlak onder mijn neus. Drie dagen geleden vielen de puzzelstukjes in elkaar. Achteraf bekeken blijkt dat ik de antwoorden zelf heb gegeven. Hoewel ik graag geloof dat de camino ze mij heeft ingefluisterd. Meer mag ik er niet over vertellen. Zoals een wens doen bij een vallende ster. Die hou je voor de zekerheid ook voor jezelf.

Die druk van de ketel en het feit dat eenwording met de natuur vanaf nu onmogelijk is, maken dat ik mezelf officieel ontvankelijk verklaar voor andermans ideeën en opvattingen over het leven. Dus ook nu zal ik uit mijn comfortzone treden en mijn asociale zelve in de rugzak stoppen. Thuis is meelopen in de stoet al een opgave en aan tafel zitten met medepelgrims vind ik vaak vermoeiender dan marcheren, dus dat belooft. Ik zal mij openstellen en actief luisteren. El Camino 2.0. Wie weet levert dit nog extra puzzelstukjes op.

Lees meer »

Dag 33

Vive le camino! Aflevering 33.

Puenta la Reina.

Punt aan de rijn, ik bedoel lijn. Einde verhaal voor mijn reisboekje dat zich 765 km lang een trouwe handlanger heeft getoond. Hoe ver nog tot Santiago, daar staan we voorlopig niet bij stil.

Brug van de Koningin luidt de Nederlandstalige naam van dit dorp, waarvan de huizen langs de hoofdstraat zijn gebouwd. Hier spoelen pelgrims aan uit twee belangrijke vertakkingen van de Camino. De duizendjarige Romaanse brug brengt ze samen. Door de vele rugzaktoeristen hangt hier een festivalsfeer.

De hoofdact vindt nochtans even verderop plaats bij de Onze-Lieve-Vrouwekerk van Eunate. Zo eenvoudig en toch door zo veel mysterie omgeven: oorsprong onduidelijk, afgelegen ligging, achthoekig grondplan, 33 bogen, straffe legende, rijkelijk versierde noordelijke poort die uitkomt op de pelgrimsweg en armzalige westelijke poort, dominant koepelgewelf, en speculaties over tempeliers. Ook de naam, afgeleid van het Baskische 'ehun ate' wat staat voor '100 deuren', is intrigerend. Jammer dat een verband tussen dit heiligdom en Van Gogh uitgesloten is.

Lees meer »

Dag 32

Vive le camino! Aflevering 32.

Schaarse lichtpuntjes.

In het vervallen heuveldorpje Unduès de Lerda ontwaakte ik in een kraterlandschap onder een volle maan belicht door de drijvende zon op een schijnbare zee aan de horizon.

Een uur later kleurde de lucht in alle mogelijke blauwtinten met een ongekende helderheid en onzichtbare overgangen. Het wit van opgesteven toefjes wolken contrasteerde scherp met het hemelblauw. Of dat volgens de regels van de complementaire kleurenleer is had Van Gogh mij in geuren en kleuren kunnen vertellen.

Vanaf die middag begon een vermoeiende zoektocht naar onderdak waardoor ik zelfs mijn reisboekje te buiten moest gaan. De afwijkende route leidde me via de kloof van Lumbiers: een canyon als broedplaats van vale gieren met een vleugelspanwijdte groter dan ikzelf. Indrukwekkend hoe die boven je hoofd cirkelen. De kloof bevindt zich tussen twee vroegere spoortunnels in de rotsen, waarin - eindelijk - mijn zaklamp nodig was. Was het achteraf bekeken de moeite waard om er 31 dagen mee te sleuren? Absoluut niet. Een schrale troost dan? Nee, zo voelde het eigenlijk niet. Ga ik er nog veel van genieten nu ik weet dat dat dynamo-aangedreven ding verrassend goed werkt? Ook dat betwijfel ik. Laat het ons gewoon een lichtpuntje noemen.

Nog een lichtpunt de afgelopen dagen was de afzondering op die afwijkende route en ook na de aansluiting.

Laat ons verder geen woorden vuil maken aan het hotel in Lumbiers, de aanhoudende regenval en de vele kilometers over autowegen die sinds de oversteek van de Pyreneeën nooit ver weg zijn geweest.

Lees meer »

Dag 31

Vive le camino! Aflevering 31.

Het fandorp.

Jacca-Arres en Arres-Ruesta. Twee saaie etappes door een vallei des doods. Een Route 66 voor pelgrims, waar ik en mijn medereizigers in karavaan over marcheerden. Een meditatief landschap? Ik kon alleen denken aan hoe de anderen af te schudden. Ik moest iets ondernemen, boven mezelf uitstijgen om de rest te overtreffen.

Was het door dat opgenaaide gevoel of die 0,0000000000005 gram minder in mijn rugzak na het verlies van de slaapzakzak (of werd dit gecompenseerd door de extra luchtmassa in de rugzak?), ik ging er die tweede etappe alleszins als een wervelwind tegenaan. De volle 28 km legde ik in een ruk af. Zonder geplande omweg halverwege richting bevoorradingsdorpje. Zo beende ik iedereen bij die vroeger vertrokken was. Ook dat koppel dat per ongeluk mijn slaapzakzakje had meegenomen.

In Ruesta lag een herberg tegen de ruïnes van een klooster. Verder was daar niets te zien. Na de lunch verlengde ik de rit met 12 km tot het volgende dorp. Bij de eerste ontsnappingspoging was het meteen raak. Dat het na 28 vlakke km plots fors zou stijgen, daar had ik niet op gerekend. Het kon me allemaal niet deren, want ik was ontketend. Achteromkijken en zien dat niemand volgde, gaf me vleugels. Schouders, knieën en voeten (op twee nieuwe blaren na) al die tijd volledig pijnvrij, wat een euforie! Ik kon gas blijven geven tot in Compostela, mits regelmatige drink-, eet- en slaappauzes. Tot ik besefte dat dat exact is wat ik al een maand doe, alleen nu veel meer op souplesse en iets minder op karakter.

Na de beklimming sta ik alleen op een hoogvlakte. Geen mens, geen auto en geen Spaanse vlieg zo ver het oog reikt. Doodstil is het, op de ruisende wind onder mijn hoed of door het stugge gewas na. Voor het eerst sinds Canfranc laat ik mij overweldigen. Dat noem ik nu meditatief.

Die dag gaat een Belg de geschiedenisboeken in als ritwinnaar in de Vuelta. Die avond wordt hij in het dorp opgewacht door vele fans. Nee, wacht... Het zijn allemaal pelgrims.

Lees meer »

Dag 30

Vive le camino! Aflevering 30.

Vanaf de start van de Vuelta op de Col du Somport geraakte ik hoe langer hoe meer ingesloten in het peloton. Zowel op de weg als daarbuiten.

Het moet wel gezegd, de ruime slaapzaal in de herberg in Jacca was bijzonder functioneel ingedeeld. Navelhoge blokken van twee bedden gescheiden door een tafeltje, zo afgeschermd van andere blokken. Dus logischerwijze heeft iedereen een eigen blok zolang de herberg niet meer dan halfvol is.

Gisteren zat de kleine herberg tjokvol. Zestien pelgrims opeengepakt in twee kamers met stapelbedden. Toch had ik een goede nacht. Met dank aan een voldoende groot bed en mijn oordopjes, ondertussen dagelijkse kost. 's Morgens werd ik verbaasd als laatste wakker in een lege kamer. Te leeg, want mijn slaapzakzakje bleek verdwenen. Ik maakte al snel de vergelijking tussen deze nieuwe vrienden en dat volkje op Ringlandfestival met een de-wereld-is-van-iedereen-dus-ook-mijn-fiets-en-slaapzakzakje-mentaliteit.

Te snel, want uiteraard ging het om een misverstand. Dat gebeurt als je in een kleine kamer zit opgepropt en iedereen voor zonsopgang wil vertrekken.

Dankzij superbenen en -schouders die dag heb ik mijn slaapzakzakje terug én mijn allereerste ritoverwinning beet. Hoe me dat gelukt is, dat verdient een uitgebreid verslag morgen.

Lees meer »

Dag 29

Vive le camino! Aflevering 29.

De achterkant van de berg.

Twee uur afdalen volstond om de Indiana Jones in mij klaarwakker te krijgen.

Geloof het of niet, de Spaanse Pyreneeën hebben een Noord-Amerikaans gezicht. De wereld op zijn kop. Krijg dat maar eens uitgelegd. Ook de bemoste opgehoopte stenen lijken niet meer op die ruïnes van de voorkant. Vraag me niet waarom.

Als de rook om mijn hoofd is verdwenen, zie ik iets dat lijkt op hetgeen ik eerder op tv, op internet of in een pretpark heb gezien van de Grand Canyon, Colorado en Sierra Nevada. De rio Aragon zie ik uitgroeien van een woest kolkende waterval tot een watermassa die gestuwd moet worden door een gigantische dam.

Hoogtepunt van de dag: het treinstation van Canfranc. Een machtig gebouw met een geschiedenis vol machtsmisbruik waarin nazigoud een mysterieuze hoofdrol opeist. De aanblik even bedreigend als indrukwekkend. Zoals die ventilatieschacht (of controletoren of wat het ook mag zijn) bij de ingang van de Tunnel du Somport.

Niet goed wetende of ik daarna in Navarra of Aragon ben, stap ik van siërra naar siërra, één en al dorre woestijn. Dor maar zeker niet verlaten. Deze etappe heb ik meer wandelaars gezien dan alle voorgaande etappes samen. Een zachte voorbode voor wat vanaf Puenta de la Reina komen zal.

Lees meer »

Dag 28

Vive le camino! Driedubbelaflevering 26-28 (3/3).

Onderweg naar de top der Pyreneeën moet ik eerst voorbij het Fort du Portalet geraken. Deze onverzettelijke bewaker van de vallei van de Aspe is uitgehouwen bovenop een rots. De drukke nauwe autoweg zonder suggestiestroken is levensgevaarlijk om als voetganger te bewandelen. Angstzweet breekt uit bij het zigzaggend overlopen van de weg tussen de haarspeldbochten. Dat dit gebied miljoenen jaren geleden een warme zee tussen koraalriffen was, wil ik nog geloven. Wat men er verder van maakt, slaat nergens op. Alsof tektonische platen al bestonden in een tijd dat men het vuur en het schrift nog moest uitvinden.

Onderweg naar de top verspreidt een surroundsysteem van weggemoffelde luidsprekers op een weergaloos irritante wijze het gerinkel van koeienbellen. Die beesten moeten er zot van worden. Als ik ooit melk drink waarvan mijn oren gaan tuiten, weet ik genoeg. Nog hogerop stond ik plots oog in oog met de modderige pootafdruk van een bruine beer. Weliswaar op foto op een informatiepaneel, maar was me dat een afschrikwekkend groot formaat.

Waaien als je boven bent. Met die richtlijn werd ik al in mijn kindertijd klaargestoomd voor dit gloriemoment. Vele jaren later lukt het me: ik bereik de Col du Somport! Dus ik waai, staande in neutraal gebied tussen Spanje en Frankrijk, maar alleen de kille wind waait terug. Ik ben hier letterlijk in de wolken, niet figuurlijk. Het trekt hier en het is koud, grijs, nat, mistig en lawaaierig langs de autoweg. Binnen zit ik vast in een al even luidruchtig weghotel. Lekkere, stevige en goedkope maaltijden, vriendelijke mensen, proper, dat alles wel. Maar ik mis iets.

Ik mis veel: zon, rust, natuurpracht, de vallei van de Aspe, uitkijken op waar ik drie dagen geleden mijn afscheidsdrink hield, Auch, Castres en alle andere streken die ik de afgelopen weken heb doorkruist, vrouwtje, poezen, familie, vrienden. Ja, het klopt wat men beweert: het is eenzaam aan de top.

Lees meer »

Dag 27

Vive le camino! Driedubbelaflevering 26-28 (2/3).

Ik volg het pad richting Sarrance. Hoe vertrouwd dat ook mag klinken (mijn familienaam op zijn Frans uitgesproken), ik betrouw het niet.

Een eenpersoonsweg langs de flank van een berg zonder vangnet. Je waant je in een jungle. Afdwalen met je ogen naar je linkerbenedenhoek kost je gegarandeerd de dieperik. Het gebergte, dit paadje en zelfs de overwoekerde ruïnes van huisjes tussen de bomen doen terugdenken aan de Inca Trail naar Machu Picchu. Zulke paden, vaak over uitgedroogde rivierbeddingen, raken niet vanzelf uitgesleten door het zweet van pelgrims. Ze moeten ooit zijn aangelegd door een slavenleger.

Hoe zit dat ondertussen met Van Gogh? Zijdelings langs de weg lag een ontwortelde boom. Gefascineerd staarde ik naar dat wat anders verborgen blijft voor het menselijk oog. Verbaasd over de dikte van sommige wortels, gevuld met... Met wat eigenlijk? Opgedroogd bomenbloed? Het leek op zwarte aarde. Laat dat nu het laatste zijn dat Van Gogh geschilderd heeft, een abstracte voorstelling van boomwortels. Deelde hij eenzelfde verwondering, voelde hij zichzelf ontworteld, of was er meer aan de hand? Voor mij komt het als een signaal. Hoe miniem ook, het brengt me toch weer een stapje dichter bij deze bijzondere man.

Lees meer »

Dag 26

Vive le camino! Driedubbelaflevering 26-28.

De koninginnenrit.

Dat moet toch een onvoorstelbaar invloedrijk, machtig en vooruitziend studiebureau geweest zijn om die Jakobus en zijn route uit hun schelp te krijgen.

Als de Boulevard des Pyrénées de mooiste plek is, is het stuk van Oloron-Sainte-Marie naar Sarrance de mooiste wandeling ter wereld. Deze moeder van de tweedaagse koninginnenrit van mijn tour de France (Oloron-Sainte-Marie naar de Col du Somport) voert je over in totaal 20 kilometer eerst door de vallei van de Aspe en daarna over een onverantwoord smal en oneffen pad door de jungle langs een ravijn.

Die vallei. Hoe men die bergen daar miljoenen jaren geleden heeft aangeplant, getuigt van een sterk staaltje projectontwikkeling. Kaarsrechte spitse wanden die hoog in de wolken verdwijnen, links, rechts, voor en achter je. Met hier en daar strategisch geplaatste fermettes, een stationnetje met plastieken slagbomen en een spoorweg waarover op geregelde tijden een treintje, bestaande uit een enkele wagon, dendert. Allemaal nep natuurlijk, zoals die ene figurant die je onderweg 'toevallig' ontmoet. Of die rivier, sowieso ergens hoog achter een groen paneel aangesloten op het leidingwaternet. Opgezet spel om de pelgrim een totaalbeleving te garanderen. Zo kan die helemaal alleen in die vallei lopen zonder zich buitengesloten te voelen. Nietig en menselijk.

Alleen doordat de stichters van het Compostelagenootschap de lat van meet af aan zo hoog legden, vergaart deze vallei al eeuwenlang naam en faam als trekpleister en doorgangsinstelling voor pelgrims. Ze is niet gemaakt voor fietsers en al zeker niet voor snellere voertuigen. Alleen wie er rustig door wandelt, kan die volmaakte verademing plukken en meedragen naar morgen.

En onze politici maar belangrijk doen over dat masterplan voor Park Spoor Noord.

Lees meer »

Dag 25

Vive le camino! Aflevering 25.

Vergeet alle voorgaande lyriek, huldebetuigingen, lofzangen, odes en andere naïviteiten.

Nee, ook Pau ga ik hier niet bewieroken, al valt me dat zwaar want met de allures van zowel een mondain skioord als een exotische badplaats is Pau verre van pover en verdient deze... Nee, nee, nee! Het doet er allemaal niet meer toe.

Alles valt in het niets bij de Boulevard des Pyrénées. Wat valt er nog te zeggen als een panorama als een bewegend schilderij je kippenvel bezorgt in een verzengende hitte; als de werkelijkheid alle afbeeldingen die ik daags voordien had gegoogeld verpletterend overtreft; als geflankeerd door palmbomen vanachter een balustrade neerkijken op een treinstation in een vallei begrensd door eerst groene half beboste heuvels en in een tweede linie de grote wolkenmistspuiers die zich deels verhullen in een witblauwe luchtspiegelende nevelsliert en zich deels verraden door hun donkerblauwe contouren, je bloed doet bruisen als Dafalgan in cola? Groen, wit, blauw. In de beperking toont zich de meester, aldus Goethe. Op zo veel geniale eenvoud kun je niet voorbereid zijn.

Er kan geen mooiere boulevard, geen mooiere plek op aarde bestaan. Al de rest is praat voor de vaak.

Achter dat rookgordijn zal ik van het Franse toneel verdwijnen na een tocht van 600 kilometer. Dat ik over drie dagen daar ergens op sta en kijk naar waar ik nu zit, valt niet te bevatten. Dat proberen visualiseren geeft kortsluiting in mijn hersenpan.

De onvergetelijke reis zal verdergaan in wat voorlopig nog niemandsland is aan de andere kant van de muur. Toch vraagt dit al om een afscheidsdrink in - hoe kan het ook anders -brasserie Le Boulevard.

Lees meer »

Dag 24

Vive le camino! Aflevering 24.

De Apologie van Béarn.

In Lescar heb ik alweer een huisje voor mezelf. Opgeruimd en schoon, koelkast en voorraadkast gevuld, wasmachine en droger. Tien euro, thuisgevoel inbegrepen.

Tijd voor een update. Volgens mijn papieren gids bereik ik over negen dagen een eerste mijlpaal: Puenta de la Reina, waar meerdere pelgrimsroutes samenvloeien in de enige echte camino. Tijdens die etappes ga ik blijkbaar veel sterretjes zien.

Door de gezelligheid van dat huisje en de vele sterretjes in het voorruitzicht (verspreking gesponsord door Carglass) wogen mijn schouders en benen plots wel erg zwaar.

Kwam daar nog bij dat ik mij gebonden voelde aan deze regio genaamd Béarn. Jawel, geboortestreek van de bearnaisesaus. Radio camino versterkte dat gevoel door mijn nieuwsgierigheid te wekken voor de Boulevard des Pyrénées in de aangrenzende grootstad Pau, die niet op de weg naar Santiago ligt. Daar openbaart zich, zo heb ik mij laten wijsmaken, een weids panorama van de Pyreneeën.

Dat alles met het aangekondigde prachtweer smeekt om een rustdag. Al loop ik zo het risico dat achtervolgers opdagen, mezelf rust gunnen is een wiskundig onderbouwde, verantwoorde keuze: 511 km op de teller, een laatste rustdag 12 dagen geleden en 2 dagen ingehaald op het schema. Pau voorbijlopen zou jammer zijn. Mezelf voorbijlopen zou belachelijk zijn.

Lees meer »

Dag 23

Vive le camino! Aflevering 23.

Vervelend gedoe in Anoye.

Kilometerslange bloeiende braambessenstruiken! Na drie weken van zien groeien, kon ik nu handenvol oogsten. En maar goed ook. Vier uur aan een stuk gestapt naar de gîte municipal in Anoye. Die stond in mijn gids als bevoorradingspost aangestipt. Daar kwam ik toe op het middaguur, te vroeg om de dag te besluiten. Ik had gehoopt wat brood te kunnen kopen, maar kreeg een droge nul op het rekest. Alleen als je er overnacht. De hospitalier verveelde me met een verkoopspraatje naast de kwestie dat ik het in het zweet des aanschijns nogmaals vier uur zonder brood moest zien te redden. Hij gaf aan dat hij bekend was met die problematiek, maar niet met medelijden. Ongezien en ongehoord op de camino en een gîte municipal (gemeentelijke voorziening) absoluut onwaardig.

Met optimale benen en weersomstandigheden overleefden we het desalniettemin vlot op braambessen. Wat de marktwaarde van dit superfood rechtvaardigt. Zo had ik alweer een dag ingehaald op het officiële schema.

In Morlaas verbleef ik voor een bodemprijs in het pelgrimsbasiskamp op de camping municipal. Daar moest ik voor het eerst mijn slaapzak ontvouwen. Na eerder ook al de zwembroek, de oordopjes en het toiletpapier, blijft alleen de zaklamp zonder nut. Het zakmes? Daar heb ik eens een avocado mee opengemaakt. Dat heb ik MacGyver nooit weten doen.

Lees meer »

Dag 22

Vive le camino! Dubbelaflevering 21+22.

(Vervolg) Een vogel ligt hulpeloos spartelend op zijn rug naast de weg. Zoals ik toen die keer nabij Castres. Al even hulpeloos zoek ik tussen doornige takken en dicht gebladerte naar een toverstokje. De laagvlieger krabbelt recht, hinkt hogerop en tolt weer naar af. Die takken en dat gebladerte horen bij de omheining van een kasteeldomein. Door de toegangspoort wenk ik de vermoedelijke kasteelheer. Hij toont zich meegaand en pakt de lijster - dat zag zijn kennersoog meteen ('singing bird eating grapes') - vakkundig op. Hij zou zich erover ontfermen en bedankte mij. Het genoegen was wederzijds.

Voor een pelgrim zijn alle dagen hetzelfde, behalve zondag. Dat beseft hij 's zondagsmiddags als hij eten, drinken en onderdak nodig heeft. De laatste gîte waarnaar ik bel, hapt toe. Verder dan gehoopt en een paar euro's duurder dan gemiddeld. En terecht.

Een villa bovenop een berg, omringd door bossen. Inclusief professioneel én insectenvrij buitenzwembad, in tegenstelling tot mijn broodje kebab met vlieg van gisteren. Niet twijfelen dus, zwembroek opdiepen. Eerst kregen mijn voeten een whirlpoolmomentje om me daarna gewichtloos te laten drijven. Handen op het achterhoofd en bijna in slaap vallend met alleen mijn neus boven water. Het mag duidelijk zijn: die goede daad bracht me alweer in een hogere staat van verlichting. De lijster leerde me een levensles: wie beide pootjes op de grond kan houden, zal het vele vruchtvolle jaren uitzingen.

Die villa en dat zwembad had ik voor mij alleen. De eigenaarsfamilie reed net weg toen ik aankwam om 14 uur en keerde pas weer om 23 uur. Baden in weelde, heet zoiets. Ze wisten zelfs mijn naam niet. Dat is de camino. Ik werd er week van.

Lees meer »

Dag 21

Vive le camino! Dubbelaflevering 21+22.
In Marciac landde ik in een twintigdaags wereldvermaard jazzfestival. Gekoppeld aan een veredelde, uit zijn voegen barstende jaarmarkt. Op de agenda ook dagelijkse begeleide wandelingen en fietstochten, conferenties over natuur- en landbouwbeheer voor de streek, exposities, filmvoorstellingen, enz. Overdag en 's avonds liep ik er over een mix van jonge en oude hoofden, wat de sfeer ongedwongen, hippieachtig maakte. Valse noot: de groepjes soldaten die per vijf door de straten marcheren. 's Nachts was het bakken en braden onder de blote dakpannen van een tot de nok toe met festivalgangers gevulde gîte. Het geschikte moment om de oordopjes nog eens boven te halen.
De volgende dag mocht ik voor het eerst mijn toiletpapier uitrollen. De eer ging naar het uitnodigende openbare toilet van Auriébat. Nooit eerder voelde ik me zo op mijn gemak op een publieke wc. Hoewel de klokken om 11 uur luidden voor de zondagsmis, bleef het nabijgelegen kerkje gesloten. De bewoners? Die vertoeven voornamelijk op het kerkhof en laten er hun eeuwige slaap niet voor.
Gesteld dat er toch een misviering zou hebben plaatsgevonden, dan had ik nog voor het eind ervan mijn eerste goede daad op deze reis verricht. (Wordt vervolgd)

 

Lees meer »

Dag 20

Vive le camino! Aflevering 20.

De leerling wordt meester.

Een man komt de gîte binnen. Zichtbaar oververmoeid. Een last van 23 kilo op zijn schouders. Tent, matras, acht outfits, drie paar schoenen, et cetera et cetera. Hij klaagt, al vreet ook dat aan hem. Over zijn stekende schouders en kapotte onderrug. En hij vertelt. Over hoe zwaar zijn eerste stapdag was. De hospita spreekt hem moed in en geeft raad: dump 8 kilo. Ik geef raad: dump 15 kilo. Als de hospita later rept over hoe vroeg ik was gearriveerd en dat ik morgen (lees: gisteren) dubbel zo ver als hem ga stappen, kijkt hij me vol ontzag aan. Hij begint vragen te stellen, veel vragen. Ik luister geduldig, geef hem alle antwoorden en nog meer adviezen. En hij luistert aandachtig. Naar mij.

Lees meer »

Dag 19

Vive le camino! Aflevering 19.

De katharen indachtig is dat zaakje van die pretentieuze kathedraal van Auch met dat museum van precolumbiaanse kunst in diens schaduw niet erg koosjer. Wat de ode aan deze stad gisteren niet mocht vergallen en al helemaal geen afbreuk doet aan een plek die te veel charme en romantiek uitdraagt voor een eenzame reiziger.

Mede daarom heb ik de rustdag afgeblazen en ben ik op een - val niet van je stoel - pijnvrij elan zuidwaarts getrokken. Gedaan met opschuiven in westelijke richting. Gedaan met fysieke omgemakken. Klaar voor het grote werk.

Wat helpt tegen blaarvorming is de veters stevig aantrekken. Ik droeg mijn schoenen te los omdat een veter al na drie dagen was beginnen te rafelen. Al die tijd dacht ik alleen aan die veter die zeker niet mocht scheuren.

Ik heb ook geleerd om te gaan zitten telkens die zeldzame mogelijkheden zich aandienen, ook al ben ik helemaal op dreef en heb ik er allesbehalve nood aan. Een beetje zoals wielrenners moeten eten en drinken nog voordat honger en dorst toeslaan.

Tot slot heb ik aanvaard dat een heuvelachtige etappe geen vlakke etappe is. Hoe graag ik ook wil, dat lukt niet aan eenzelfde tempo. Ik moet daar meer tijd voor uittrekken. Ja, zelfs al heeft elke heuvel een kant die naar beneden gaat.

Verstand komt met de jaren. Deze drie inzichten na negentien dagen.

Lees meer »

Dag 18

Vive le camino! Aflevering 18.

Auch. Verheven stad van Ste-Mariekathedraal, monumentale oude trappen van musketier d'Artagnan, toren van Armagnac, nauwe steegjes, gevels van steen en hout, museum van precolumbiaanse kunst; en van identiek dezelfde boekwinkel als die in de magistrale film Before sunset. Stad die je over jezelf doet verbazen: hoe je steendoodmoe arriveert, een douche neemt, jezelf omkleedt, urenlang dwaalt tussen de winkeltjes en restaurants en uiteindelijk ook de 200-tal treden van die Escalier monumental bestijgt.

Zelfs met zo veel zintuiglijke input hangt één beeld van onderweg aan het netvlies gekluisterd: de Pyreneeën, die - alleen bij klaarheldere hemel - verschijnen aan de zuidelijke horizon. Te ver om de wazige overgang met de lucht te kunnen ontwarren. Dichtbij genoeg om de indruk te wekken van een absoluut wereldwonder van een muur die het einde van de wereld markeert. Wat een geluk en voorrecht om dat juist op die plek met die afstand en die lichtinval te zien te krijgen. Het dwingt je tot stilstand, breekt je mond open, en maakt dat je denkt: daar geraakt geen mens ooit over, er zal toch wel een deurtje zijn beneden.

Lees meer »

Dag 17

Vive le camino! Aflevering 17.

Vandaag aangekomen in Auch. Ja, dat deed nog eens pijn.

De afgelopen twee dagen heb ik bij wijze van test zeventig kilometer heuvelland verzet. Treinrit vanzelfsprekend niet meegerekend. Zo ben ik op het officiële schema een dag ingelopen. Dat verdient morgen een rustdag.

Resultaten van de test:
1) De schouders verdienen een klopje (met een eervolle vermelding voor de heuptas).
2) De voeten lopen niet langer over hete kolen, ondanks nieuw oprukkende blaarhaarden van de hielen tot tussen de tenen.
3) De ontstoken teen geneest goed.
4) De basisconditie blijft veel goedmaken.

Ondanks die positieve evolutie doemde gisterennamiddag het spook van Castres op tijdens een moeilijk momentje naar het einde toe. Het enige wat ik dan vraag is een bank om op te liggen of desnoods een boomstronk om op uit te rusten. Helaas. Urenlang kom je niks beters tegen om op te zitten dan de grond waarop je loopt. Eens die schaamte voorbij, is het een kleine stap naar liggen. Heel even maar. Twee minuten. Tien. Een klein uurtje. En je beseft dat je kaars voor vandaag is opgebrand. Wat die laatste loodjes in die loden hitte - je raadt het al - loodzwaar maakt.

En dan begint alles verkeerd te lopen. Eerst die riemen waar je op staat als je eindelijk bent rechtgekrabbeld en je rugzak van de grond wilt tillen. Daarna ikzelf die verkeerd begin te lopen. En niemand om kwaad op te worden, behalve mezelf. En natuurlijk de eigenaar van die gîte waarvan reclameborden langs de weg hangen tot in Antwerpen, die mij, eenmaal in de buurt, graag eerst een vooruitblik gunt op het volgende dorp. Ik zou er dezelfde nacht nog 35 kilometers hebben bijgedaan als niet in mijn reisgids omkaderd staat dat je die hele weg niets van bevoorradingspost tegenkomt.

De eigenaar zelf krijg ik niet te zien. Zijn - twaalfjarige? - zoontje ontvangt en rekent af, zich daarbij een geforceerde houding aanmetend. Vermoedelijk hebben ze mij van ver zien aankomen. En voorbijgaan en weer aankomen.

Lees meer »

Dag 16

Vive le camino! Aflevering 16.

De tocht van de afgelopen dagen, langs de beek La Rigole en later het Canal du Midi, leek tussen de dennenbomen en platanen net iets te veel op een wandeling langs de Kleine Nete. Dat maakte me ongeduldig, vooral omdat ik soms in de verte al een glimp opving van de Pyreneeën.

Wel gemakkelijk, want ik hoefde dat kanaal maar te volgen om het station te vinden in hartje Toulouse. Daar mocht ik de trein gelukkig nog op. Zo kon ik, geheel volgens het boekje, de buitenwijken vermijden bij het verderzetten van de reis richting Auch. Toulouse zelf blijft zo vooralsnog een fait divers. Ik had geen zin in grootsheid, hoe gezellig deze universiteitsstad ook zal zijn.

Sinds mijn tactische ingreep in Boissezon, nu 9 dagen geleden, heb ik onderweg niet één pelgrim ontmoet. Wat mij een luxepositie oplevert in elke gîte waar ik overnacht zonder rekening te moeten houden met anderen.

De heuptas is een grote aanwinst. Altijd eten en drinken voor mij werkt zoals in tekenfilms een wortel voor een konijn hangt. Een niet te onderschatten nadeel: het spant op zo'n manier aan dat ik voortdurend moet plassen. Ook de kousen stemmen mij tevreden. Alleen al omdat ik nooit eerder verschillende kousen heb gehad, specifiek voor links en rechts. Professionalisme ten top. Gedaan dus met dat geitenwollensokkengedoe. En daarmee is de kous af voor vandaag.

Lees meer »

Dag 15

Vive le camino! Aflevering 15.

Gisteren was winderig en kletsnat. Op aangeven van de dokter en van mijn hospita heb ik voor een stuk de trein genomen. 'Hoe zit dat met een ticket?', vroeg ik nog. 'Gewoon op de trein kopen', antwoordde ze. Dat bleek uiteindelijk toch niet zo gewoon. Een sfeerverslag:

Farce op de trein Avignonet - Baziège. Een rit van 10 minuten. Ik ga rustig zitten, wachtend op het gemengde duo conducteurs. Achteraf bekeken maakte ik daar de cruciale (onbewuste!) fout van niet zelf op hen toe te stappen. Een dure fout van 50 euro. Dat en nog een emmer gezever krijg ik op mijn dak op een toon waarvan mijn kleine teen spontaan opnieuw begint te zweren. Ik weiger dat bedrag te betalen en voeg eraan toe dat ik gerust de normale prijs wil betalen. Om een duistere reden blijkt dat onmogelijk. Na een escalatie van wederzijdse vijandigheden voor een volle coupé moet ik mijn identiteitskaart afgeven en bang zijn omdat het woord gendarmerie valt. Ondertussen heeft de trein mijn bestemmingsstation bereikt en blijft die daar maar wachten, want geheel tegen hun natuur in zijn de man en vrouw zo vriendelijk om niet door te rijden. Helemaal absurd wordt het als de vrouw 20 euro intikt op het toestel en dit voorlegt bij wijze van laatste kans, wat ik ook categoriek weiger. Nog daarna durft ze zelfs te vragen hoeveel geld ik op zak heb. En als ze na een hoop gesukkel beseft dat haar toestel mijn identiteitskaart niet aanvaardt, kan ze niks beters bedenken dan er een foto van te nemen met haar gsm. 'Op deze manier zal het honderd euro kosten', blaft ze. Moraal van het verhaal: betaald heb ik niet (ondanks de intentie) en toch voel ik mij bestolen (en geviseerd als buitenlander). Een lid van de Gestapo loopt hier nu rond met een foto van mijn identiteitskaart op zak. Ik vraag me af of ze daar iets ergs mee kan doen, behalve mij toevoegen op Facebook.

Lees meer »

Dag 14

Vive le camino! Aflevering 14.

Vertrekplaats vandaag: Avignonet en Lauragais. Een klein, onooglijk dorpje in de Languedoc ofte Occitanië dat de geschiedenis van Frankrijk heeft bepaald.

Hier heeft een groep ridders in 1243 twee inquisiteurs en hun entourage vermoord, wat heeft geleid tot de belegering van Montségur en het volledige uitroeien van de Katharen door de katholieke kerk.

Wat ik altijd van mijn reis naar Peru heb onthouden (om even een zijsprong te maken), zijn flarden van een gesprek met locals over de banden tussen de Inca's en de Katharen, waarvan de wortels volgens hen teruggaan tot in de prehistorie. Lang voor Columbus dus. Hoewel dit indruist tegen alles wat we erover menen te weten (geschiedenis is het verhaal van de overwinnaar), zouden nog tal van overeenkomsten als bewijzen voortleven in beide talen, respectievelijk de langue d'oc ofte het Occitaans enerzijds en het Quetchua anderzijds. Alleen al de link Quetchua - Katha is snel gemaakt.

En zo kunnen we niet anders dan alweer Decathlon ter sprake brengen. Pelgrims als ik, in Quetchua-uitrusting in Katharenland, maken onbewust deel uit van een veel groter geheel dan eenieder (behalve Thor Heyerdahl) ooit zou kunnen bevatten. Kun jij je voorstellen dat alles wat je weet over geschiedenis, alles wat je op school hebt geleerd over geschiedenis, alles wat je opzoekt over geschiedenis, een leugen is?

Lees meer »

Dag ...

Vive le camino! Aflevering .

Deze aflevering krijgt net zoals de hotelkamer het nummer niet toegekend om ongeluk te vermijden. Daar heb ik al genoeg van gehad.

Toch heb ik ook al veel geluk gekend, zoals gisteren met de hereniging die nog lang mag nazinderen.

Mijn schoonmama daarentegen moet stilaan denken: help, mijn schoonzoon is een pelgrim. Terecht, want ondertussen kan ik enkele uren aan elkaar stevig doortrekken. De camino lijkt momenteel dan ook op wat ik aanvankelijk had gedacht: aangenaam weertje, onderweg voldoende dorpjes om te kunnen bevoorraden en overnachten, en een overwegend vlakke ondergrond van overwegend asfalt of grind tussen akkers. Zo hoef ik niet onafgebroken naar mijn voeten te kijken en kunnen mijn gedachten al eens afdwalen. Want hoe zit dat nu met die man genaamd Gogh? Van Gogh.

Wel, dit kan ik gerust verklappen: Vincent van Gogh heeft gewoond in Antwerpen. Na een drietal maanden is hij redelijk halsoverkop vertrokken richting zijn broer Theo in Parijs. Over die drie maanden is weinig geweten, behalve datgene dat in zijn - vrijgegeven! - brieven staat. Wat mij intrigeert en tegelijk goed uitkomt.

Voor mijn vertrek had ik al twee stevige kapstokken gevonden om mijn verhaal aan op te hangen. De aankleding is maatwerk voor later. Rest me eerst een nog stevigere kapstokhouder te vinden. Eén die ik op deze camino graag zou tegenkomen.

Vandaag ging ik alvast evenveel zonnebloemen voorbij als er sterren aan de hemel staan. En toch geen twee dezelfde. De meest imposante schepsels hebben hun naam allerminst gestolen: ik verbleek in de buurt van die metershoge uit de kluiten gewassen stengels met knalgele hoofden ter grootte van het mijne. Eenzelfde indruk zullen die zeker ook op Van Gogh hebben nagelaten.

Lees meer »

Dag 12

Vive le camino! Aflevering 12.

Helemaal anders dan dat symfonieorkest, was dat zangkoor gisteravond tijdens de vespers niet. Voeg beide samen en je krijgt me niet voor het zingen de kerk uit.

Toen de soep klaarstond, sloeg ik toe in de veronderstelling dat dat alles was. Het werd van het beste tot nu toe op dit avontuur. Aardappelgroentensoep, iets met rijst, kazen, fruit, brood, water, wijn; meer moet dat niet zijn.

De afrekening verliep ook makkelijker dan verwacht. De reisgids gaf een vrije bijdrage aan. Een stemmetje in mijn hoofd zei toen 'niet doen, je gaat te weinig geven!'. Mezelf kennende zou ik net daarom te veel geven. Onjuiste informatie, zo bleek bij inchecken. Vraagprijs (voor pelgrims) 20 euro, met overnachting, diner en ontbijt inbegrepen. Zo heb ik met een gerust geweten veel te weinig betaald.

In de librairie van de abdij vond ik de documentaire die ik ooit gezien heb over het leven van de kartuizers in La Grande Chartreuze. En tussen de vele oogstrelende boeken met een rijkelijke variatie aan, uiteraard, religieus en spiritueel geïnspireerde invalshoeken, herinnerde ik me dat ik niet lang geleden zelf een boek over de kathedraal van Antwerpen heb geschreven.

Dat alles maakt het toch vreemd dat bij het binnengaan die angst voor het - schijnbaar - onbekende me besloop, zelfs op mijn leeftijd. Anderzijds, als een mens voor alles onbevangen kan openstaan, is die dan niet alles en niets tegelijk?

Dat was gisteren en vanochtend. Voorts stond vandaag alles in het teken van de grote - weliswaar korte - hereniging met mijn allermooiste en zo mogelijk nog lievere vrouwtje, die met mijn al even bekoorlijke schoonmama (leest mee!) speciaal een omweg maakte op de weg terug van hun vakantie. Een moment dat bij hoge uitzondering nog mee in de rugzak mag. Zo zal ik het hartstochtelijk meedragen tot het eind.

Lees meer »

Dag 11

Vive le camino! Aflevering 11.

Om mijn afscheid te vieren organiseerde de stad gisterenavond een gratis concert symphonique op het binnenplein van het Hôtel de Ville. Een gepaste afsluiter van een huwelijk dat ons allebei beter heeft gemaakt.

Over tot de orde van de dag. Als alles goed gaat, geraken we via vijf dagetappes in Toulouse.

Orde heerst er ook in de rugzak. De rommel zit nu in de heuptas. Alle riemen zijn deftig aangespannen, ook diegene die ik nooit eerder had gezien. Wat maakt dat de rugzak niet langer naar links helt en die schouder niet meer afziet dan de andere. Een evenwichtsoefening die ik bij nader inzien gemakkelijk voor mijn vertrek had kunnen doen. Dus de drie kernwoorden voor vandaag: structuur, orde en evenwicht. Als ik dit herlees, lijkt het bijna alsof ik... Wat is het woord? Juist! Alsof ik voorbereid ben.

Met de koortslip zo goed als weg en de meest hardnekkige korsten van zonnebrand op mijn kaken helemaal verdwenen, maakte ik om acht uur een doorstart. Een nerveuze start, mijn hart bonkte in mijn teen, die gerust meer vertrouwen verdiende. Want de Yves die Castres binnenkwam en de Yves die Castres verlaat, dat zijn twee verschillende mensen. Niet dat ik nu huppelend de vogeltjes groet, maar het begint toch verdacht veel weg te hebben van echt stappen.

Onderweg ontmoet ik eerst een vriendelijke vrouw en daarna een vriendelijke man. In beide gesprekken valt de naam van de abdij van En Calcat. Nochtans staat een kilometer verder de abdij Sainte Scholastique. De eerste voor de broeders, de laatste voor de zusters. Oude zusters, aldus de blijkbaar joodse man, die van regelmatig terugkerende Poolse pelgrims bovendien weet dat het helemaal niet zo leuk is bij hen als bij de broeders. Zowel de man als de vrouw roemen ook de bibliotheek en het intellectuele vernuft van de boekbinders van En Calcat. Mijn reisgids laat mij de keuze, maar het volk heeft al gesproken. Op naar een feestje.

Toch beneemt de twijfel mij als het pad naar de abdij splitst van de camino. Is een ongelovige daar wel op zijn plaats? Aanvaarden ze dat ik dicht bij Gogh wil geraken, niet God. Zullen er geen ongemakkelijke stiltes vallen? Zal niemand merken dat ik niet bid voor het eten? Dan begint het toch wel te regenen, zeker. Als dat geen teken van God is! En uiteindelijk, wat is het ergste dat zou kunnen gebeuren?

Noot van de schrijver: als dat geen cliffhanger is weet ik het ook niet meer.

Lees meer »

Dag 10

Vive le camino! Aflevering 10.

Nog in Castres sta ik op de rand van een nieuwe verlichtende doorbraak. Na de eerdere onthechting van het materiële, schud ik nu het juk der tijdsdruk af. Dat maakte vanochtend de weg vrij voor een controlebezoek bij de arts. Die schreef mijn grote kleine teen een bijkomende rustdag voor, vooral omdat er meer regen in de lucht hangt na de onweders van afgelopen nacht. Stappen met water in mijn schoenen moet ik zeker nu vermijden. Dat flitsende warmteonweer kwam iets na middernacht met een stortvloed aan hemelwater aangerold uit de bergen en eenmaal gearriveerd knalde het de smeer uit mijn oren. En zo kwam eindelijk wat ik al dagenlang voelde aan mijn kleine teen: nattigheid. De genezing vordert gelukkig goed. En al hoor ik de bossen terug roepen, een extra dag Castres is geen straf. Integendeel. Mijn afkoelingsperiode zou niet afgerond zijn zonder een laatste ijscoupe van onze Jeff de Bruges. Waarmee ook mijn portefeuille na deze rustdagen veel verlichter zal aanvoelen.
Ongetwijfeld heeft de lokale economie in geen jaren zo'n boost gekend als nu met mijn passage. Toch was elke euro goed gespendeerd. De kamer is verantwoord, dokter en apotheek zijn vanzelfsprekend, en een uitstapje naar Decathlon drong zich op omdat ik nu weet wat ik tien dagen geleden niet wist en nu heb gekocht wat ik toen had moeten kopen: een lichte slaapzak, heuptas, deftige kousen en breder omramde hoed. Voeg daar de onvermijdelijke paniekerige impulsaankopen van energierepen en -gels en isotone drankjes bij en je verliest jezelf al gauw in wat ook als een verlichte mindset aanvoelt: die van 'daar koop je allemaal geen nieuwe teen voor'.
En zo is ook deze reiziger, ondanks de waarschuwing van de troubadour (was het geen vloek?), gewillig in de val van het betoverend schone Castres gelopen.

Lees meer »

Dag 9

Vive le camino! Aflevering 9.

Zoals een feniks verrijst uit zijn as, zo stapte ik eergisterenavond uit mijn bezweette lakens, koelde af, trok mijn stoute slippers aan en ging op verkenning door de schone straten van Castres. Dankzij gegrild vlees uit de streek (dat vegetarisme laten we even achterwege) en huisgemaakte frietjes kwamen we opnieuw op krachten. Daarmee was eergisterenavond gevuld.

Meer nog dan in die gîte met de vier slaapkamers, drie badkamers en landelijke open keuken voor mij alleen, voel ik me als een koning op mijn hotelkamertje op de bovenste verdieping met de Van Goghs in het gangpad. Alsof de kamer mij heeft uitgekozen. Kijk ik door het raam, dan kijk ik uit op de grootste troef van deze stad: de kleurrijke Venetiaanse leerlooiers- en perkamentiershuizen die vanop hun massieve overwelfde ruien half boven de rivier uitsteken. Een bureau bij het raam maakt het tot een gedroomd kamertje voor schrijvers. Ach, dat is het ongetwijfeld voor iedereen. Uitgerekend deze kamer is voorbehouden aan pelgrims omdat die kleiner zou zijn dan de andere. Met een als gegoten tweepersoonsbed hoeft ze er allerminst een complex aan over te houden. De huurder van deze exclusieve suite mag bovendien rekenen op verminderd tarief. Die praktijk van positieve discriminatie geldt vrijwel overal op de camino.

Als de zon onder is, open ik de luiken helemaal en bevestig ze aan de buitenmuren met die traditionele herderinnenkopjes (ja, dat vergde opzoekwerk). Ik zie de lucht overgaan van helder oceaanblauw tot diepdonkerblauw. Donkerder komt het hier niet. En al dat blauw wordt zo veel blauwer door het complementaire gele schijnsel van de lantaarnpalen beneden. Het raam neemt bijna de hele ruimte tussen badkamer en achterwand in, waardoor het voelt alsof ik buiten slaap. Ongelooflijk dat gedurende drie dagen en twee nachten niet één vlieg, mug, daas of wesp de rust op mijn kamertje heeft verstoord. Vooral als je weet dat in de omringende bossen massalegers ervan ongeduldig klaarstaan om mij op te vreten.

Gisteren slenterde ik langs de loop van de Agout, dwars doormidden de stad, en staarde naar de bergen in de verte. Dat ik daar heb gelopen, lijkt haast onecht. Als in een lang vervlogen droom ben ik de bron van deze rivier, hoog verscholen in het Centraal Massief, voorbijgegaan. 's Avonds woonde ik een gratis openluchtconcert piano en viool bij onder de classicistische pilasters van het 17de-eeuwse Hôtel de Poncet. Ik bedacht dat eenzelfde tafereel zich ten tijde van Van Gogh, 130 jaar geleden, zou kunnen hebben afgespeeld. Op meer inspiratie is het voorlopig wachten. Dat zou pas een mirakel zijn.

Lees meer »

Dag 8

Vive le camino! Aflevering 8.

Opgelet! Deze reportage bevat schokkende beelden en is niet geschikt voor gevoelige kijkers. En al zeker niet voor de mama.

Tot bloedblaren muterende blaren, etterende kleine (nu grote) teen, klappertanden, stuiptrekkingen zo dat het water uit mijn glas klotst, koortsachtig gloeien, ijskoud rillen, aan bed gekluisterd, badend in het zweet ontwaken, onderweg niet anders kunnen dan vlak naast een autoweg gaan liggen, een automobilist die stopt en vraagt of het gaat (best vernederend en nog te trots om te liften), en oh ja, een bosbrand in de verte met rookpluim richting Castres.

Eenmaal aangekomen op mijn kamertje in Castres volgde een herhaling van wat zich een dag eerder in Boissezon voordeed: niet in staat om het bed te verlaten en de behoefte om me ondanks het gloeien toch te wikkelen in de lakens. Dit tegen alle adviezen in om afkoeling te zoeken. Want ik luister alleen naar mijn lichaam. Tot ik mezelf vele uren later afvraag: ken ik mijn lichaam wel? Omdat de situatie er niet op betert en slapen toch niet lukt, raap ik mezelf bij elkaar en zet mij in de douche onder een zachte, lauwe waterstraal.

En kijk! De camino zou de camino niet zijn zonder minstens één wonderbaarlijke verrijzenis. Die net zo lang op zich liet wachten als nodig om alweer een levensles te leren: dat het goed is af en toe ook eens naar anderen te luisteren.

Vanochtend dan met de ontstoken teen bij de pharmacie doorverwezen naar de docteur die dat smerige boeltje onmiddellijk doorprikte en ontsmette, mijn koorts mede daaraan weet en nog een extra rustdag adviseerde.

Wat goed uitkomt, want het is liefde op het eerste gezicht dat ik voel voor deze stad en voor mijn kamertje. Meer daarover in de aflevering van morgen.

Wie over deze tragische, heroïsche en etterende taferelen ook de stank van aanstellerij ontwaart, beschikt over een sterk ontwikkeld reukvermogen. Allicht begrijpt die dat ik nu meer dan ooit teen en been mag klagen.

Lees meer »

Dag 7

Vive le camino! Aflevering 7.

Boissezon. De perfecte uitvalsbasis om halverwege de middag, als de zon al urenlang moordend toeslaat, de poorten van het mythische Castres open te beuken (dat laatste kan ik ook geijld hebben). Een stad bezongen vol lof en bewierookt door op één na alle reizigers die mijn pad kruisten. Een stoutmoedige troubadour declameerde dat de inwoners er zo verdorven zijn dat ze een onvervalste Decathlon hebben opgetrokken, als levende getuige van de waarheid van hun heersende decadentie. Met daarin opgeslagen een fabelachtige winkelwaarde (nul straatwaarde) aan misleidende tenten, slaapzakken en EHBO-koffers voor elke pelgrim die er ook maar aan denkt zijn reis te staken en zich onder hen te vestigen.

Perfecte uitvalsbasis ook al vanwege het verblijf. Een pracht van een gîte, zeg gerust hotel, afgehuurd voor mij alleen voor 18 euro. Dit dankzij een geslaagde mix van tactisch vernuft (de drie meelopers van gisteren lieten in hun kaarten kijken en zijn doorgelopen tot Castres) en noodgedwongen stoppen.

De rest van de middag, avond en nacht gisteren in bed doorgebracht met koortsverschijnselen zoals misselijkheid, hoofd- en spierpijn. Stralend als een gloeilamp in dekens gewikkeld om de koude rillingen te dempen, en willen maar niet kunnen slapen. Net zoals eergisteren eigenlijk. Uitputting, zonneslag, hoogteverschillen of ontoereikend voedingspatroon? Ja, ja, ja, ja.

Al was ook dat laatste gisteren eerder noodgedwongen. Een dorpje waar sowieso al niks te verkrijgen is, en toch nog minder op zondag, leg dat maar eens uit. Behalve in de kleine épicerie, tot 13 uur open (gelukkig die dag vertrokken om 5u30), waar ik niets beters kon krijgen dan een blik ravioli en een blik linzen. Wat die vele - heerlijke -pizza's van de afgelopen dagen natuurlijk nooit goedpraat.

Voor de rit naar Castres vandaag gaf men 16 km aan 5u45 effectief wandelen. Dat zijn beduidend meer uren geworden. Een helse rit, op het ongezonde af, die zonder de steun van mijn nieuwe sponsor Dafalgan Forte niet mogelijk was geweest.

Gelukkig staat er morgen - wonder boven wonder - een rustdag op het programma.

Lees meer »

Dag 6

Vive le camino! Aflevering 6.

Stalplaats Anglès in het departement Tarn. Daar had je het al!

Met als voorteken die laatste titel, die al bijna even schaamteloos lijkt overgenomen uit Game of Thrones als Rembrandts De Nachtwacht, weet je dat vandaag wel eens kan uitdraaien op een hachelijke onderneming. En wat voor een.

Aanvankelijk verloopt alles nochtans rustig en vredig. Zoals wel vaker tegenwoordig loopt Yves deze ochtend rustig (echt overdreven) door het maanverlichte bos, een baguette en stukje kaas verorberend, op zoek naar de uitgang.

Tot er geen kruimel meer overblijft en hij - waarom is nog steeds een raadsel - een rietstengel langs de weg wil plukken en bijna zijn hand opensnijdt omdat het niet naar verwachting meegeeft. En hij denkt dit is toch onmogelijk en probeert opnieuw en hij snijdt zichzelf deze keer wel degelijk, want dat ding zit getverdekke - pardon his French - in de grond gebeiteld.

En terwijl hij zoekt naar een zakdoek ziet hij nog net vanuit zijn ooghoek een druppel bloed afglijden van zijn hand en de lucht doorklieven. Op het moment dat de donkerrode bel uiteenspat op het grind, doemt er een vuurrode plakkaat op in zijn andere ooghoek.

Het gebied dat hij nu zal betreden is privé-terrein en met aandrang wordt voorzichtigheid gevraagd. Wat er verder staat, iets van chasse, begrijpt hij niet. Dat hoeft ook niet. Het belangrijkste is dat hij gewaarschuwd is. Bedoelt men met voorzichtig dat hij die bloeddruppel niet op de grond mag achterlaten? Dat klinkt al te absurd. Hij is alweer enige stappen gevorderd en hij heeft nooit graag op zijn stappen teruggekeerd. De afgelopen dagen al helemaal niet.

Dus hij slentert verder, tot zo ongeveer een half uur later en vijftien meter verder een luide Pang! weerklinkt. Een geweerschot, van zo dichtbij afgevuurd dat hij instinctief bukt - toegegeven, bang ineenkrimpt. Door de brute verplaatsingen van rugzak en luchtdruk verliest hij zijn evenwicht, struikelt en tuimelt om eindelijk tot stilstand te komen tegen een rietstengel. Op zijn rug met de benen in de nek. En hij denkt eraan te blijven liggen want schouders en voeten kunnen best leven met deze situatie. Tot hij opschrikt van een nieuw geweerschot, gevolgd door hondengeblaf. Geblaf dat snel dichterbij komt. Hij voelt een pijnscheut onder zijn knie en ziet hoe liters bloed in het wilde weg spuiten, maar hij heeft geen tijd om te voelen of te zien. Of zijn rugzak af te nemen. Hij moet daar weg. Een stel kraaiende kraaien duikt onder voor een bende gierende gieren en hij kruipt weg, op handen en voeten, verbaasd vaststellend dat dit vooralsnog zijn vlotste verplaatsing is op de camino. Daarmee is het gevaar helaas niet geweken. Ook hoefgetrappel ontwaart hij nu! Ruiters te paard! In gedachten ziet hij zichzelf al vertrappeld worden als plots voor hem een ree de weg verspert. Of is het een hert? Reebok? Puma, os of gnoe? Want hij kent niks van de natuur, behalve schoenmerken en kruiswoordpuzzeltermen. Het maakt niet uit, want hij of zij komt dichterbij, slaat zijn of haar vleugels uit, smijt hem met zijn of haar slurf op de rug en vliegt hem naar de veilige haven Boissezon. En je noemt hem of haar voortaan Dappere Vriend.

Sommige scènes zijn gedramatiseerd maar het verhaal is gebaseerd op waargebeurde feiten. Er was een geweerschot. En geblaf van een hond. Of een hert.

En mama: dit is een absurde schrijfoefening hé. Dat was geen echt bloed.

Lees meer »

Dag 5

Vive le camino! Aflevering 5.

Gisteren in al mijn euforie vergeten dat er nog dertien lastige kilometers volgden na het meer. Achteraf bleek dat alweer een les in nederigheid. Pas om 19 uur het dorp bereikt, douchen, drinken, eten en slapen.

De gîte communale van La-Salvetat-sur-Agout was ondergebracht in een donjon, opgericht in 1633 samen met de nabijgelegen 22 meter diepe waterput. Een unieke ervaring voor een luttele 10 euro.

De stad ademt charmante ridderlijkheid, middeleeuws avontuur en frisse zurigheid (de Languedoc blijft de wijnstreek bij uitstek) uit. Het vernieuwde centrale stadsplein werd volgens een plakkaat vorige week ingehuldigd. Net gemist. In de oergezellige herberg van een uiterst aimabel uitbaterskoppel droop de passie af van de salades en vleesgerechten met lokale insteek.

In tegenstelling tot gisteren kon men vandaag gelukkig wel van een overgangsetappe spreken. Om half negen vertrokken en al om half twee ('s middags, jawel) bestemming bereikt. Rustig de tijd dus voor een wasje en plasje. En om mezelf eindelijk wat rust te gunnen.

Lees meer »

Dag 4

Vive le camino! Aflevering 4.

Vandaag opgestaan met superbenen! Had ik gehoopt te kunnen melden. Super was het nochtans, maar dan als in superstijf. Alleen al uit bed geraken en naar het toilet gaan leek een etappe waardig. Houterig voor de ene (Yves komt niet voor niets van het Keltische Iv ofte Uitveerkrachtighoutgesnedene), stokoud voor de andere. Enkele jaren geleden, tijdens de Zomer van Antwerpen, ontwaakte er een reus in Park Spoor Noord, geholpen door honderden touwen in de handen van tientallen mensjes die alle kanten uit sprongen. Hoe die marionet op een wonderbaarlijke manier een eigen leven begon te leiden, zo werd ik vanochtend wakker. Zonder touwen noch hulp welteverstaan.

Wel een heerlijk gevoel om eens te kunnen blijven liggen tot half acht, uitgerekend op deze quatorze juillet. Dat mag als je weet dat het maar vijf tot zes uur stappen is vandaag.

Stappen kun je het nog altijd niet noemen. Elk uur lossen op eis van de linkerschouder om na het herladen twintig minuten een houten klaas uit te hangen tot het vuur in mijn schoenen, dat vreemd genoeg na elk rustmoment opflakkert, gedoofd is.

En dan, dames en heren, dan openbaart zich toch weer zeker een mirakel! Omstreeks 13 uur, de zon op haar hoogst, de aaaaaahs alweer uit de mond ontsnapt, de tanden stukgebeten en de zakdoeken volgehuild, net dan bereikt de camino het waterniveau in een uithoek van een kilometerslang meer, omgeven door groenbeboste heuvels. Op 75 meter rechts van mij doen twee para's rustig hun ding met visgerief en een rubberbootje. Op 50 meter links een verloren speedboot. Verder de baai voor zo ver ik zie helemaal voor mij. En ik haal alles uit mijn broek, trek de rest uit, laat mij zakken in het heldere, warme water en dobber rond voor minstens een uur. In het midden zie ik hoe de plas zich verder uitstrekt langs een dorpje op een helling met eronder campers en wat volk en een volleybalveldje en een met boeien afgebakende zone. Als massageolie werkt het water in op mijn schouders en als, ja, als water, op mijn voeten.

Als je mij niet gelooft: Les Lacs du Connemara. Omdat je mij nu zeker niet gelooft: Lac du Laouzas. En aanschouw het met eigen ogen.

Mijn baguette met - jawel mama! - schimmelkaas eet ik op een rots met de voeten in het water en opdrogen doe ik terwijl ik dit verslag schrijf. Sowieso duik ik er nog in. Meer moet dat niet zijn voor vandaag.

Lees meer »

Dag 3

Vive le camino! Aflevering 3.

Met onze excuses voor de onaangekondigde programmawijziging van gisterenavond. Wegens een plaatselijke (of, zo u wilt, persoonlijke) stroomonderbreking kon die uitzending helaas niet doorgaan.

Nabeschouwing van gisteren en vandaag:
Gelukkig kan niemand hier te laat toekomen en mocht ik vandaag opnieuw meedoen. Om 5u30 vertrokken en om 17u30 bestemming bereikt. Klokje rond heet zoiets.
Vandaag ook een etappe die met drie sterren stond aangestipt, op een moeilijkheidsschaal van 1 tot 3. Alleen wat korter met 26 km.
Positief nieuws: geen kleerscheuren.
Minder positief: tussen mijn blaren door kun je nog wat stukjes voet terugvinden. En de linkerschouder stelt zich aan als een klein kind en maakt duidelijk dat ze er echt geen zin in heeft door heel de reis naar achteren te trekken, als om te zeggen ik wil terug. Vervelend en pijnlijk.

Toch kan ik nu al niet om de conclusie heen dat de camino de snelste weg richting verlichting is. Zo ben ik al 1,5 kilo afgevallen en mijn rugzak 3 na het loslaten van de tent en slaapzak. En van de metalen plooibuis die aan weerszijden onafgebroken in mijn onderrug priemde. Die gloednieuwe tent verdiende een beter lot. Zoiets als een ecologisch verantwoorde rituele verbranding.
Soit, wel opletten geblazen in al dat ongebreideld enthousiasme, want met deze snelheid van het verlicht bereik ik Toulouse zonder rugzak en zonder kleren. En daar zit niemand op te wachten.

Wat wel wacht is de etappe van morgen, die beschouwd mag worden als een overgangsetappe. Net zoals die daarna.

Afsluiten doen we met een boodschap van algemeen nut.

Compeed Compeed wij lopen op Compeed
Van 's morgens vroeg tot 's avonds laat Compeed
Compeed Compeed.

Lees meer »

Dag 2

12 juli 2017.

Vandaag volgens de Miammiamdodo een loodzware bergetappe van 30 km met 5 cols van gemiddeld 1000 meter. Om half zes vertrokken via asfalt naar het volgende dorpje. Daar al een half uur moeten pauzeren. Tent en slaapzak na veel wikken en wegen toch bijgehouden. In dat dorpje, in een onmetelijke vallei begint het stijgen al aan een belachelijk hoog percentage. Bovenaan onmiddellijk de wildernis in en recht omhoog voor een aantal kilometers op een amper begaanbaar dichtbegroeid padje van enorme rotsblokken. Niet voor mensen met claustrofobie. En het zweet stroomt van je lijf terwijl de zon nog onder is en je zucht en blaast en kreunt en aaaaaaaht. Om dan plots boven het gebladerte uit te komen en verbaasd vast te stellen dat je boven alles en iedereen staat, boven op de berg, boven op de wereld. En het uitzicht is alweer overdonderend. Maar niet voor mensen met hoogtevrees. En je ziet een rotsblok aan de rand van de ravijn dat ietwat de vorm heeft van een ligstoel en je negeert de tintelingen in je buik als de diepte van de vallei je aantrekt en je legt je daar neer en staart uitgeput maar voldaan naar het dorp van daarnet, dat nu al zo ver en zo veel kleiner lijkt. En je weet dat het een lange dag gaat worden. En dat je onderweg niets zult tegenkomen. Spaarzaam omgaan dus met dat water en die banaan.

Lees meer »

Dag 1

Vive le camino!

Aflevering 1: Lodève - Lunas.
Voorbeschouwing: bergetappe van 27 km met enkele pittige cols.
Nabeschouwing:
Een totaaltijd van 7u24 (van 5u38 tot 13u02).
Slechts 1 levende ziel onderweg tegengekomen: de Nederlander die een uur na mij vanuit dezelfde gîte vertrok.
Hij bezag mij op de Col de baraque en sprak spontaan van een Col de brak.
De bolletjestrui kan ik al vergeten.
De prijs voor de strijdlust daarentegen, ter waarde van drie mooie blaren, kunnen ze niet meer afp(l)akken. Pijn? Die wordt verzacht door de steken in mijn schouders, die met of zonder rugzak even zwaar aanvoelen.
Wat onthouden we? Geen meldingen van valpartijen. En het uitzicht, dat was echt adembenemend.
Kijkersvraag: hoe ver gaat die lompe tent van 2.2 kg nog mee?
#eatsleepwalkrepeat

 

Lees meer »